De gedichten die Bob schreef als Stadsdichter van februari 2008 tot februari 2009. Klik op de titel om het gedicht te lezen.
Februari 2008
De Grote Kerk – begin 2008
Zand, versteend, zo oud, zo oud,
Als nieuw in de oude toren,
Onsterfelijkheid een stap
Dichterbij
Het schip, afgemeerd
Aan de oostkant, onzinkbaar,
Roerloos, onverzettelijk,
Baken van eeuwenlang vertrouwen
Wordt omspoeld door drankgelagen,
Schaatsgekras, schuifsnuivers en
Overtroefd door het hoge rad
Dat astrogondels na een blik
In de eeuwigheid leegschudt
Naast de Grote Kerk,
Anker van onze stad,
Drenkplaats voor andersdorstigen.
Winnend gedicht stadsdichterverkiezing. Geplaatst op 4 februari 2008 in de Twentsche Courant Tubantia.
Enschede gonst en gromt
Het gromt en gonst onder de grond,
Het gonst en gromt in de stad,
Blijde verwachting bolt haar buik,
Pak de doptone en hoor de hartslag
Van de schaatsbaan. Zie hoe de echo
Volgroeide contouren van
Twents Welle en Muziekkwartier onthult
En in de Scholingsboulevard
Vaag vormen van vmbo-ers ontdekt.
Maar er is meer, er is veel meer…..
Vroedvrouwen van Enschede,
Wees paraat,
Drukke tijden breken aan
En droevige: weemoed hult de Schouwburg
in nevels van eindigheid.
Aanzegger Finkers, hou u gereed,
Op 30 maart 2008 bereidt u
Hem de grande finale.
Zo vernieuwt het einde,
Eindigt het nieuw in
Uitwaaierende rimpeling,
Groeidrang als steen in een vijver.
Geplaatst op 20 februari 2008 in de Twentsche Courant Tubantia.
Opening van Stationsplein 1
Voor het station van Enschede
Voormalig eindpunt van de trein
Het plein in kleuterjaren
De groeistoot zwelt aan
Omgeving gonst, Willem
Wilmink dicht onder
Bouwketen en opslag
Het Muziekkwartier bolt
Wellustig haar steeds
Fraaiere vormen
Treinen denderen van
Oost naar west en
Van west naar oost
Beginnend bruisen alom
En op 1
- ja, op 1–
Media Art Café Berlijn
Vol van beloftes
Grote ideeën
Poëtische concepten
Nieuwsplein, Media Art
Kongsi, café , krant
En met zijn grootste troef:
Ha(r)tenboer
Verschenen in MAC Berlijn bij de opening van Stationsplein 1 op 29 februari 2008.
Maart 2008
Van oude mensen…
Na je eerste schreeuw
Mama barend verlatend
Groeit je verleden
Slinkt je toekomst
De afloop is zeker
Alleen het moment niet
En de wijze waarop
Ach
Het leven is een tussentijd
Die je vult met liefde
Sprongen in het diepe
En op de kant
Wanneer de toekomst tot
Op één draad versleten is
Valt er veel te vertellen
Van dingen die voorbij gaan
Of sluimeren in het schemergebied
Van je herinnering
Er zijn er die daarover schrijven
Er zijn er die lezen
Er zijn er die jaren
Die maanden
Die weken
Of alleen deze week
12 Maart 2008. Verspreid door de Openbare Bibliotheek tijdens de Boekenweek 2008 en geplaatst op 20 februari 2008 in de Twentsche Courant Tubantia.
Het Hendrik Jan van Heekplein
Waar badmeester Bongers met straffe hand de orde
Bewaarde, menigeen van de duikplank schoot en
Achter de waterval weer boven kwam
Staan nu winkelpanden in carré om het plein
Waar mensen krioelen, schuifelen,
Stokken, draaien, weifelen,
Of met kordate pas pleinvrees aan hun laars lappen
Twee keer per week wordt het parkeerdak overhuifd
Door marktkramen waar mensen
In een walm van vetzuren als vliegen op de stroop
Op af komen
Waarom niet als ‘Ensiena’ eens per jaar aan
Deze geurenkermis de dampen van paardenkeutels
Toegevoegd?: Het Hendrik Jan van Heekplein als
De Piazza del Campo van het noorden
Met juichende mensenmassa’s bij de strijd
Tussen paarden en ruiters van wijken, dorpen en
Buurtschappen. Daverend hoefgetrappel
Overstemt de echo van het geraas van
De textiel; de laatste schoorsteen
Uit die tijd rijst hoog boven zijn verdwenen
Verleden uit en overziet het Enschede van nu
Dat na kaalslag en vuurwerkramp
Groeit en bloeit als nooit te voren
In kwarten van uren zal muziek
Uren duren en de Cultuurmijl slingert zich
Noordwaarts als een navelstreng die
Centrum en Roombeek verbindt en voedt
Het is goed te weten dat niet de bomen
Maar slechts één toren tot aan de hemel groeit
En dat, wanneer den Oudsten
Inwoner van Enschede
Met zijn Alphapolsstok over de Jozefkerk springt
Hij toch weer op de grond komt,
Met beide benen,
Op het Hendrik Jan van Heekplein
Voorgedragen op de gemeenteraadsvergadering van 3 maart 2008.
Rika is dood en Robert knort nu in haar stal
Rika, oh Rika, onze megaknuffel,
Die knorde en snuffelde en veel sliep,
Die Rika, onze Rika, jij megasnuffel
Je knort niet meer, geen hieperdepiep.
Elf jaren was Rika,
Voor een varken heel oud,
Haar leven was op,
Toen werd zij heel koud.
Rika, oh Rika, hoe leeg was jouw stal
Toen jij dood ging en weg werd gebracht.
Maar Rika, lieve Rika, klinkt het erg mal
Als ik zeg dat ik dit wel had verwacht,
Want je was elf jaren,
Voor een varken heel oud,
Nooit ben je meer lief
En ook nooit eens stout.
En nu is hier Robert, heel speels en zo jong,
Die huppelt en knort en dartelt en doet,
Speelt met Bella en Donna varkensneuzenpingpong,
Dag Robert, lieve Robert, jij doet het hier goed.
Elf jaren was Rika,
Voor een varken heel oud.
En nu knort hier Robert,
Hij is lief en soms stout.
26 Maart 2008. Dit gedicht is speciaal geschreven voor de kinderboerderij ‘Het Wooldrik’.
Vrouwen te water
Vrouwen te water!! Kom kijken, kom gauw!
Kijk dáár drijft er één, en dáár, nog een vrouw!
Vrouwen te water! Ik duik er ook in,
Moet ik ze redden, of is ’t een begin
Een begin van een stilte, een begin van een droom,
Een begin van een spiegelen, heel zachtjes en loom,
Een begin van licht zweven en breken van licht,
Van delen die weg zijn of vaag belicht?
Twin hangt aan zichzelf in vredige rust
En Ophelia, heb ik die wakker gekust?
Er zwemmen Sirenen, ik ga met ze mee
En verwek een nieuw leven heel diep in de zee.
Een drievoudig kruisbeeld weerspiegelt de dood
In Queen en Rapunzel met groen en wat rood.
Vrouwen te water! Kom kijken! Kom gauw
En laat je meedrijven in zeeën van dauw.
27 Maart 2008: gedicht bij de foto-expositie van Dindi van der Hoek in Fotogalerie Objektief aan de Walstraat 33 in Enschede.
Afscheid van de Twentse Schouwburg
Schouwburg
Schouwtoneel
Aanschouwen van anderen
Die een spiegel voorhouden
Toneel
Toneel spelen
Zij speelt toneel
Is zichzelf niet
Maar juist daardoor zoveel meer
Opera
Met het zwaard
Doorstoken minutenlang
De meest goddelijke aria’s zingen
Doorgestoken kaart, ook in de liefde
Cabaret
Gierend lachen om het
Lachwekkende van een ander
Niet wetend
Dat jij die zelf bent
Kindervoorstelling
Uitbundige fantasie van
Ver voorbij alle grenzen
Verzuchtingen als kon
Ik dat ook nog maar
En zoveel meer
Waarbij de een
De ander meevoert
Als Orpheus in
De onderwereld
Die nu niet achterom kijkt
Maar ziet voelt doorleeft
Dat het leven van alle dag
Niet meer is dan
Het topje van de ijsberg
Het doek
Zo vaak gevallen
Zo vaak weer opgehaald
Zoveel onthullend
Zoveel bedekkend
Dit gordijn van magie
Verstijft na
Een laatste golving
In de plooien
Hangt stil
Voor altijd
Afscheid van de Twentse Schouwburg op 30 maart 2008, opgehangen in en buiten de Twentse Schouwburg en geplaatst op 31 maart 2008 in de Twentsche Courant Tubantia.
April 2008
War child
Pief, paf, poef
Ik speelde cowboy en boef
Ach, hoe vaak kroop ik vroeger door het gras, soms op kop,
Besloop de vijand en ging dan hard schieten.
Was het raak, viel je dood en dan stond je weer op,
Dié kogels konden je echt niet verdrieten.
Pief, paf, poef,
Ik was soldaat en jij de boef.
Mama zei wel: ‘Waarom nou dat oorlogsgedoe,
Het is vreselijk, dat weet je toch wel?’
Maar ík vond het leuk joh, na al dat geschiet was ik moe,
Ging fijn slapen en droomde van ’t spel.
Knal, boem, bam,
We speelden oorlogje, zonder schram
Maar ik wist niet dat kinderen, even oud vaak als ik,
Echt in oorlog waren en zij schoten, dood,
Dat die kindsoldaten met een heel bange blik
Vaak één kleur zagen, dat was bloedrood.
Pief, paf, poef,
daar geen cowboy en boef
Gedrogeerd, afgestompt, zit de oorlog in ’t kind,
Hoe krijg je dát er in vredesnaam uit?
’t Is goed dat War Child dat ook vreselijk vindt,
Daar hard aan werkt in oost, west en zuid.
Nee, schiet niet meer,
Weg met dat geweer
Dat kost geld, echt veel geld en dat moet in de knip.
Wat doe je? Voor welk land? Afghanistan?
Een chocoladeletteractie, mét stip, dankzij Jip,
Geeft daar die kinderen een mooi toekomstplan.
En daarom Jip, ik vind het echt vet, onwijs,
Krijg jij de eervolle Barbara Ohmann Prijs.
Voorgelezen in het stadhuis van Enschede op 11 april 2008 door de burgemeester van Enschede, de heer P. E. J. den Oudsten, bij de uitreiking van de Barbara Ohmann Prijs aan Jip Maathuis.
Opening van het Rozendaal
Waar fabrieksfluiten leven bepaalden
Stoommachines en arbeiders puften, steunden
Spinspoelen tolden en weefgetouwen raasden
De grote stilte wanhoop deed groeien
Waar voor acht jaren vuurstormen loeiden
En een duivels inferno de wijk verwoestte
Kabbelt nu water in de bedding van de Roombeek
Die ontsproten aan een Twentse welle
Stroomt langs erfgoed en cultuurcluster
Dát gevat in glas, staal, oude muren
Samen veel meer dan de som der delen
Voor ons allemaal: het Rozendaal
11 April 2008. Voorgedragen en als voorwoord voor het boek dat verschenen is bij de opening van het Rozendaal.
Opening TwentseWelle
Twentse sproake, oale groond
Gevoed door wellen
Doordrenkt van sagen
De keuterboer smiet de smietspoel
Van de laag van Usselo
Tot de vuurwerkramp
De wever schiet de schietspoel
Van mammoet
Naar UT en ver daarbuiten
Erfenis van velen
Gekoesterd, gebundeld
Van begin tot eind
Digital ontsloten
Beglaasd in
Wat rest van Rozendaal
Dat met glas en staal
Is verankerd
In de toekomst
Hoog daarboven wachten sterren
Beneden kabbelt de Roombeek
Bovenaards voorbij deze
Majesteitelijke bron die ons
Meevoert ver over vele grenzen
En ons voedt en doordesemt
Met wat de mens vermocht
En vermag
Verschenen in de Twentsche Courant Tubantia op 22 april 2008 en op dezelfde dag voorgedragen bij de opening van de TwentseWelle.
Evenbeeld
Deze poppen
Veel meer dood dan levend
Zijn met licht
Betoverd
Veel meer levend
Dan dood
Grijpen zij
Strot en hart
24 April 2009. April en mei 2008: gedicht bij de fototentoonstelling ‘Evenbeeld’ van Wim Bannink in Fotogalerie Objektief aan de Walstraat 33 in Enschede.
Mei 2008
Bij de beelden van Mari Andriessen in Het Volkspark
Vloeibaar brons
Door gietkanalen
In grote hitte
Verleden verbrand
Brons gestold
Geeft gruwelverhalen
Weer vorm in
Het heden beland
Pauwengeschreeuw
En autogetoeter
Splijt stilste stilte
In heel het land
Toekomst herinnert
Verleden is nieuw nu
Gisteren wordt morgen
Met zwart omrand
Geplaatst in Twentsche Courant/Tubantia op 4 mei 2008.
Bevrijdingsdag
63 jaar geleden spatte vrijheid uit de krant.
Nu, na 63 jaren, kijken wij weer om naar toen,
Nu, na 63 jaren, hebben wij nog veel te doen
Aan die vrijheid in de wereld, aan de fouten van zoveel,
Moordpartijen en vervolging, overal, universeel.
Vrijheid geldt voor alle mensen, ongeacht geloof of ras,
Vrijheid slechts voor enkelen, dat is niet goed, dat geeft geen pas.
Misschien gaat het beter wanneer mensen zoals jij en ik
Bevrijd zijn van zichzelf en in het onbewaakte ogenblik
Ongeremd en vrij van alles zich openstellen voor hem en haar,
Dán breekt vrijheid werkelijk door, dan is het voor elkaar.
Geplaatst in Twentsche Courant/Tubantia op 5 mei 2008.
Als de rook om je hoofd is verdwenen
1.
Je kerft je naam in de nerf van een boom
Ik Yjij, met de bodem bloedrood
Wát schuilt hier achter: leven of dood?
De schilder verdwijnt in een kleurrijke droom
Geen blad meer te zien, het druipt van de takken
De kwast raast heel grillig en ook lekker dik
De jury bepaalt na geweeg en gewik
Op dit doek de sticker ‘winnaar’ te plakken
2.
Misschien vindt u het volgende heel goed of wat raar
De stijl totaal anders, verbeeldt een verhaal
Veel meer dan de rook, op zoek naar de graal?
Kijk goed, je ziet veel van een Groots repertoire
Een eenzame fietser, land van Maas en van Waal
Getetter, getoeter, Jeroen Bosch komt er aan
Heel duidelijk geschilderd, niet mis te verstaan
Dus ook een winnaar, de 2e, pontificaal
Gedicht bij de prijsuitreiking in Concordia K&C op 24 mei 2008 van de regionale voorronde van de Talens Palet Teken- en Schilderwedstrijd.
Paard voor het Natuurmuseum
binnen skeletten
uit verre tijden
buiten het paard
lucht vertrappend
schuimvlokken
op de flanken
voortgestuwd
door eigen briesen
een hijgend gieren
tussen ribben
op weg
naar de toekomst
bijna ingehaald
door wat geweest is
stuift het
panisch
voort
en voort
Gedicht over het beeld van Cees Willemsen voor het Natuurmuseum, voorgedragen en uitgedeeld tijdens de Museumnacht van 24 mei 2008.
Breitner in Het Rijksmuseum Twenthe
stil
wees stil
loop op je tenen
knipper niet met je ogen
houd je adem in
maak geen geluid in dit boudoir
laat ze met rust, die kimonomeisjes
laat ze liggen op hun sofa´s
laat ze dromen in hun spiegels,
één, ongrijpbaar, laat haar blik
niet vangen, kijkt wie komt,
blijft, wie gaat
zacht ingepakt in bloemenstof
neem ik haar
opgerold in een koker
en hang behang
van onvervuld verlangen
aan de muur
Gedicht voor het Rijksmuseum Twenthe bij het schilderij van George Hendrik Breitner, voorgedragen en uitgedeeld tijdens de Museumnacht van 24 mei 2008.
Nieuw optimisme
Oude korsten barsten bij hosannaverhalen
De lege plek aan tafel in het
Nieuwe huis raakt nooit gevuld
Gehavend fundament stut de hemel
Op de steen bij de vijver slaat een vink
Langs nieuwe straten groeien andere huizen
Het ruisen van de beek overstemt het geloei van de vuurstorm
Vaandels wapperen en terend op het oude verdriet
Wordt hoog gezongen, terpen van verbeelding
Worden opgericht, penselen, gutsen, beitels
Kerven, steken, strelen, woorden worden in noten gebakerd
Lippen openen taal als messen de huid
Digitaal noorderlicht schittert boven de ashopen die
Langzaam verstuiven bij herrijzend klapwieken
Gedicht over het thema van het Balenfestival 2008 en voorgedragen en uitgedeeld tijdens de Museumnacht van 24 mei 2008.
Juni 2008
De avonturier
Iemand die verre reizen maakt
die kan heel veel verhalen
en wie achter de geraniums blijft
die zal niet gauw verdwalen.
Eén van de gedichten van het thema ‘Reizen’, voorgedragen bij de gedichtenronde door de stad vanaf de gedichtenkar op 14 juni 2008.
Welkom in Enschede
Welkom in Enschede, geachte reiziger,
Of verlaat u nu de mooiste stee
Van Twente, Overijssel, Nederland?
Ja zeker, dat is Enschede!
Wat is het dat u zich zo rept?
Vervulling van de dagelijkse plicht,
De tijd die tikt en tikt en tikt?
Wat zegt die glimlach op uw gezicht?
Ik weet, het is Enschede dat u trekt
Met z’n pleinen, markt, Muziekkwartier.
Wees welkom mensen, of gaat u heen?
Hoe dan ook, ik wens u veel plezier!
Eén van de gedichten van het thema ‘Reizen’, voorgedragen bij de gedichtenronde door de stad vanaf de gedichtenkar op 14 juni 2008.
In de trein
Dedong, dedong, dedong, dedong,
Cadans van wielen,
Hartslag van trein,
Dedong, dedong, dedong, dedong
Reisdoel voorgeprogrammeerd,
Behalve vertraging geen enkel avontuur
Of toch….
Die ree langs de bosrand,
De maandagochtendwas aan de lijn
- bestáát zulk ondergoed nog?? –
De privéontboezemingen
Via de gsm luid
Rond geschetterd in de coupé,
Het dorpsstraatje dat in alle rust
Voorbijraast
De schuifdeur, die als een tijdmachine
Lichamen laat verdwijnen en oproept
Star Trek anno 2008
En dat allemaal in de trein
Eén van de gedichten van het thema ‘Reizen’, voorgedragen bij de gedichtenronde door de stad vanaf de gedichtenkar op 14 juni 2008.
Vakantie
De sleur, de regelmaat, de hartslag van de dag
Moet ter verfrissing doorbroken worden
Aangewakkerd door tv-spotjes, advertenties
Verleidelijke aanbiedingen en heimwee
Verstild verlijmd in het album
Grijpt men leeftocht en kleren
Pakt koffers, auto, camper, tent, caravan
Voor een tijdelijk nomadisch bestaan
En hopt van
File naar
File
Heerlijk op weg
Eindelijk
Vakantie
Na uitbundig genieten van alles wat
In het gewone leven niet of sporadisch mag
Stort men zich op weg terug naar
Alles wat men ontvlucht is
Weer in verkeersinfarcten
En telt zijn zegeningen:
Nieuwe liefde, platzak, eeuwige vriendschap
Nu al voorbij, volgeschoten
Geheugenkaarten
Ontheemd in eigen huis
Gaat men over tot de orde van de dag
Men is weer thuis
Geplaatst in Twentsche Courant Tubantia op 27 juni 2008.
Juli 2008
Beeld in woord 01 – De Trommelslager
Opgespannen varkensblaas voor de buik
Met stokken leverworst reanimeerpogingen
Boem, boem, boem, boem
Het varken geeft geen sjoege
Tevreden knort je maag
11 Juli 2008. Kunstenaar: Hans Morselt (1929), titel: de trommelslager (1974) & kunstenaar: Gooitzen de Jong (1932-2004), titel: Tamboer (1968).
Beeld in woord 02 – Feniks
Vlieg, vogel, vlieg
Fladder vlerkend vlieg
Nog zwart van as en roet
De hemel tegemoet
Vlieg, vogel, vlieg
Zwart zwenkend zwevend hoog
Daal langs de hemelboog
Vernieuw, herrijs en zie
18 Juli 2008. Kunstenaar: Marie van Eijl-Eitink (1925), titel: Herrijzing (1959).
Beeld in woord 03 – Het oog van Enschede
Hoe het buiten ook stormt, raast, tekeer gaat
Hier binnen is het stil, doodstil
Hier, in het oog van Enschede
Dat zichzelf omvat in een
Onafgebroken rondgang van
Één boog naar twee naar één
Met een kleine uitspatting van
Het volmaakte varkensstaartje
Ga er voor staan
1. Kijk er ín
Doe je ogen dicht
Je oren, je neus
Pak de bogen
En strijk
Strijk met je handen
Het ronde
Het gepolijste
Voel hoe
2. Doe je ogen open
Je neus, je oren
Kijk er dóór
Naar de Boulevard
De Alphatoren
Hoor het voorbijrazende verkeer
Ruik de uitlaatgassen
En ga als de donder terug naar 1!
25 Juli 2008. Kunstenaar: Carmelo Cappello (1912–1996), titel: Involuzione del cerchio ’Ontwikkeling van de cirkel’ (1964).
Augustus 2008
Beeld in woord 04 – Paard voor het Natuurmuseum
binnen skeletten
uit verre tijden
buiten het paard
lucht vertrappend
schuimvlokken
op de flanken
bijna ingehaald
door wat geweest is
stuift het
panisch
voort
en voort
voortgestuwd
door eigen briesen
een hijgend gieren
tussen ribben
op weg
naar de toekomst
1 Augustus 2008. Kunstenaar: Cees Willemsen (1952), titel: Zonder titel (1983)
5e sterfdag Willem Wilmink
Vijf jaar geleden alweer, Willem,
vijf jaar geleden, de tijd vliegt snel.
Hij vliegt, maar jouw gedichten blijven
als summum van jouw woordenspel.
Nog niet zo lang geleden, Willem,
nog niet zo lang, viel een besluit:
besloten werd, om jou te eren
jouw naam te nemen, helemaal, voluit
niet voor iets kleins, wat dacht je, Willem,
nee, voor een plein, dat wordt echt mooi,
het de ’t Muziekkwartier, van groots allooi.
Je bent niet hier meer, beste Willem,
toch ben je er, in ruimte en woord
en natuurlijk in jouw werk
dat altijd boeit en zo bekoort.
Hoe is het nu daarboven, Willem,
hoe is het om in hemelslicht
ons hier te zien werken en te zwoegen?
Ach, weet je Willem, schrijf een gedicht
over Enschede, jouw stad toch, Willem,
over Enschede dat groeit en bloeit
zodat jij als een DUVELstoejager
vanuit hemels Bolwerk je met ons bemoeit.
En misschien is het leuk dan, Willem,
om te dichten, klein maar fijn
over alles wat je beneden ziet
straks op het Willem Wilminkplein.
2 Augustus 2008.
Beeld in woord 05 – Niels Holgersson
Kom kinderen, stap op, vlieg mee,
ja doe maar, ik kan vliegen!
Ik zal je niet bedriegen,
vlieg mee voorbij de zee,
voorbij je stoutste dromen,
je leest het in mijn boek.
Aan de Runenberghoek
zul je ooit nog wel eens komen.
Kom kinderen, vlieg mee,
voorbij de verste zee.
Dag straat, dag school, dag wijk,
ik vlieg, ik droom, ben rijk.
8 Augustus 2008. Kunstenaar: Gooitzen de Jong (1932–2004), titel: Niels Holgersson (1966). Stadsdeel Zuid, Runenberghoek.
Beeld in woord 06 – Indiëherdenking 15 augustus 2008
De kring van overlevenden wordt elk jaar kleiner,
de ruggen krommer, de rimpels dieper.
De herinnering, het verdriet, de onmacht blijven wroeten.
Ik vraag: vergeven? Misschien.
Ik vraag: vergeten? Nooit!
En dan dat beeld, oh, dat beeld!
Die mens ligt er, in weer en wind,
in sneeuw, in hitte, de ene dag
op sterven na dood, de andere
in al zijn afweer het leven omarmend.
Nu staan wij hier en gedenken.
Vergeven? Misschien.
Vergeten? Nooit, en huiveren
bij de gedachte aan wat ons straks thuis
aan gruwelen op de buis weer wacht.
Kijk je buurvrouw eens aan, kijk je buurman toch aan,
pink een traan weg, glimlach voorzichtig en
koester de glimlach die je terug krijgt.
Die geeft moed, kracht
en dan komt de mens zichzelf te boven.
5 Augustus 2008. Kunstenaar: Hans Petri (1919–1996), titel: Indiëmonument (1959). Plaats: Boulevard 1945.
Beeld in woord 07 – Enschede verwelkomt
De argeloze reiziger daalt de trappen af,
wordt gemangeld tussen taxi’s en fietsers,
steekt het plein over,
bukt voor een laagvliegend skateboard,
struikelt over de reusachtige doodskist
die, massa’s water opstuwend, oprijst
uit het plein en vlucht buiten adem
het roestvrij stalen bos in
Hij vreest dat hij nooit levend
Berlijn zal bereiken, daar, aan de
overkant, op twintig meter afstand
Maar nu, tussen gepolijste stammen
en onder kris kras strak geordende takken
daalt een weldadige rust op hem neer
Om de hoek gelach van kinderen, een vleug
verleidelijk parfum beroert zijn neus, jonge vrouwen
op het terras nippen van hun cappuccino,
neuriën hun sirenenlied en hij weet zich thuis
Het bos laat hem rustig gaan,
de stammen schuiven uiteen en
door de kruinen ritselt zachtjes
‘welkom’
22 Augustus 2008. Kunstenaar: Rinus Roelofs (1954), titel: Bomen II (2004). Plaats: Stationsplein.
Beeld in woord 08 – Stonehenge in Enschede
Kaarsrecht staat hij, fier rechtop, al
eeuwen in weer en wind, onaangetast,
niets heeft vat op hem, de
tekens van hedendaagse druïden
weerhouden boze geesten
Op zekere dag viel hij
vanuit zichzelf, kaarsrecht,
van boven naar
beneden,
fier, schuin neerwaarts
en steunt zichzelf
Het staande deel biedt doorzicht,
blikt op wolkenluchten en kiert
voor het windorgel. Hij
lacht, hij houdt van muziek,
van Hollands weer
stormend door zijn weerportaal
Onaantastbaar, onverzettelijk
stut hij de hemel
29 Augustus 2008. Kunstenaar: Evert Strobos (1943), titel: Staande zuil met dwarsbalk (1977). Plaats: Wesselerweg/Wesselerbrinkpark.
Fotografie
foto grafie
met licht schrijven
vaak ook met donker
een gaatje in een kastje rooft
een stuk van adem of dood
kadert in, isoleert
maakt het echte
echter dan echt, het absurde
absurder dan absurd
met het geroofde gaat men aan de haal
in een kamer waar
geheime handelingen het daglicht niet kunnen verdragen
of men wendt zich tot de pixelmanipulator
die niet verder komt dan één, en merkt dan hoe
het beeld zich los zingt van de werkelijkheid
kunstgrepen maken de prooi tot kunst
of een poging tot
of een mislukking
en het ingekaderde beweegt zich tussen ontroering
en walging, verrukking en afgrijzen
maar is hoe dan ook diepgevroren
bewegingloos vol
van beweging, ingeperkt
alle grenzen overschrijdend
en zie hier dat grenzeloze, omarmd
in een bizar idee, ingedikt
tot vele vellen dunne huid
28 Augustus 2008. Gedicht bij de presentatie van het jubileumfotoboek, uitgegeven ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van Fotogalerie Objektief te Enschede.
September 2008
Beeld in woord 09 – Langs Westerval en avondval
Hier staan wij
onverzettelijk verankerd in
stille verwondering
Wie heeft bedacht
ons hier weg te stoppen
terwijl de es om ons schreeuwt
En wie ziet ons staan?
Het kind in de auto?
Kijk, het lacht en wijst
Niet de man, verbeten,
de vrouw, bezeten,
zij vliegen voorbij
en proberen
de tijd
in te halen
maar díe hebben wij,
alle tijd, ergens in die
ene poort naar de eeuwigheid
5 September 2008. Kunstenaar: Cees Sillen (1948), titel: Zonder titel (1988). Plaats: Westerval/Afinkstraat.
Ingebruikneming Grolsch Veste
Uit de Boys en uit Sportclub ontstond FC Twente,
in ’65 werd dit een prachtig begin.
De spelers van Twente schoten er heel wat in
en het profvoetbal toen kostte niet zoveel cente.
Eerst als semiprof, even later al snel als full
joegen de spelers als één man op het andere doel.
In het Diekman, dat ouwe Diekmanstadion
tijdens de gouden jaren van Jeuring, vd Vall, Epi Drost
werd de tegenstander vaak stevig afgerost,
want goed voetbal was wat Twente ook toen kon.
En het ‘Theooo, Theooo’ en ‘Heya de Keu’
waren bezoekende clubs behoorlijk beu.
In die meer dan veertig Twentejaren
zijn Vak P en de anderen de 12e man.
Technische staf, directie, bestuur, Munsterman
en de sponsors komen ook nooit tot bedaren.
Daarom zijn wij hier in die prachtige Grolsch Veste
en het nieuwe lied klinkt hier ook als de beste.
Het spel bereikt hier soms hemelse sferen,
ook het aantal bezoekers, da’s een zeker ding.
FC Twente wordt steeds groter, dus met de tweede ring
kunnen 24.000 man de club feliciteren.
We zijn nu op de helft, bouw de overkant ook hoog
en het hele stadion is Europees een lust voor ’t oog.
Als mijn Twentehart ooit mocht stoppen met kloppen
is mijn leven voorbij, da’s een zeker ding.
Hoor ik dan hemels gezang? Ja, van de 2e ring
stijgen koren en liederen, die zijn niet te stoppen.
Bij de hemelpoort staat Petrus en ik sta er voor
en de poort gaat open als het Twentekoor
zingt
FC Twente, gaat nooit verloren
FC Twente wil bovenaan.
Wij zijn de beste
Hier in de Grolsch Veste,
Tukkers, kom op, ga staan, TWENTE!
10 September 2008. Gedicht voor de ingebruikneming van de Grolsch Veste met de tweede ring op 13 september 2008 tegen NEC. Geplaatst in de Twentsche Courant/Tubantia in het speciale Grolsch Veste katern op 10 september 2008.
Beeld in woord 10 – Dan liever de lucht in
Bij een rotonde op de grond
lukt doorstroming vrij aardig,
maar werkelijk eigenaardig
— en dat gelooft geen hond —
zijn de rotondes door de lucht
waarbij de auto’s vliegen
als dol geworden wiegen
in dorp, in stad, gehucht.
Plank gas!! – dat is dan dikke bof-
en roep: ‘I’am ready for take off’!
12 September 2008. Geschreven op verzoek van Hanny Holdijk. Kunstenaar: Olaf Mooij (1958), titel: De mallemolen van deze tijd (2002). Plaats: Auke Vleerstraat.
Beeld in woord 11 – Zigzaglijn met rode lijn
over het rode vlak rukken de algen op
ijzer neemt steeds meer zijn huidkleur aan
onveranderlijk het strak gehoekte staal
dat de kaarsrechte meesleurt
en de aarde in knalt
of de hemel
de tanden van de tijd grijnzen wanhopig
en keren zich af
rond dit baken van het tijdloze
ademt de groene long
van het park
de kaarsrechte smeekt om felrood
19 September, geschreven op voorstel van Marja Huisman en Leen Fröberg. Kunstenaar: Henk Maassen (1953), titel: Zigzaglijn met rode zuil (1984). Plaats: Gronausestraat (in het Wooldrikspark).
Beeld in woord 12 – Boter karnen
Haak in, haak in
rug strak, trek aan
door de knieën
voorover, achterover
voor, achter
voeten aan de grond, rug bol
voeten van de grond, rug hol
bol, aan de grond
hol, van de grond
NIET OVER DE KOP!
NIET TE VER!
ga door, hou vast
rug hol, rug bol
van de grond, op de grond,
van de grond, op de grond
boterklodders op je rug
dun door de broek
26 September 2008. Geschreven op voorstel van de heer A. J. Kamer. Kunstenaar: Hans Morselt (1929), titel: Boter karnen (1975). Plaats: Albert Meijeringstraat.
Oktober 2008
Opening IJsbaan Twente
De IJsbaan Twente viert nu feest
‘Groen en Gezond’ de leus,
Schaatsen, eten, aan u de keus,
hier heerst sportieve geest.
En jong geleerd is oud gedaan,
de schaatsschool leert hoe ’t moet,
voor iedereen is schaatsen goed,
hier op die mooie baan.
Refrein:
Na veertig jaren
de ijsbaan klaar en
de ijstijd breekt hier aan.
De IJsbaan Twente
kost wel een paar cente
maar ’t is echt een pracht baan.
Tweehonderdduizend man per jaar
in deze zeppelin.
In dit zeer futuristisch ding
conditie voor elkaar.
Kunstrijden, ijshockey, shorttrack
én catering okay,
de mooie schaatsshop doet ook mee
en zo word je een crack!
Refrein
Jíj komt ook wel aan je trekken,
kilometervreter.
Trainend word je steeds maar beter,
’n wak kan je niet nekken.
Oh mensen, kom toch op het ijs
om zó fijn te rijden
dat uw zorgen hier verglijden
in dít prácht schaatspaleis.
Refrein
Schaatsend voorgedragen tijdens de opening van de ijsbaan op 1 oktober 2008. De Workmates speelden de melodie van het refrein en meisjes van Pirouette dansten erbij.
Beeld in woord 13 – Het grote schreien
over de dijk razen langgerekten
vonken knetteren langs hun slagaderen
zelfs tussen avondval en ochtendgloren
pulseert de hartslag van het heen en het weer
lager, tussen bomen, struiken, grasvelden
schuilen huizen, kazernes, kampementen
waar op gezette tijden ontluchtings-
en ontsnappingsluiken open en dicht gaan
gehersenspoeld door surrogaat sprookjes
via de platte verrekijk als zegening
uitgestraald en verpakt als hoogste waarheid
schuiven mensen luik in luik uit, zichzelf
een vreemde in de spiegel, verdwaasd, leegogig
eiken, oud, druppen groene tranen hemelwaarts
3 Oktober 2008. Kunstenaar: Henk Schuring (1928–1984), titel: Vlecht. Plaatsb: Twekkelerveld–Spoordijk.
Beeld in woord 14 – Veer vrouwleu noar de stad
Gerdien, Jannoa, Mina, Fenna
G: Hé wichter, goa’j met noar de stad?
J: Oh joa, da’s mooi, doar is aait wat.
M: Dan mo’w noe vot, kom op, nich zo slap!
F: Hènig an, hènig an, ik kan nich zo rap.
G: He’j ‘t a heurt van Hennik zien wich?
J: Joa, zee hef de nös zo dik as ’n big.
M: Kiek oet, doar is ‘n bus veur’n oawerstap!
F: Hènig an, hènig an, ik kan nich zo rap.
G: De stuver daanst mie in ’n tuk.
J: He’j geald van Gait? Ie hebt geluk!
M: Doo mie moar koffie, doarginds an’t skap.
F: Hènig an, hènig an, ik kan nich zo rap.
G: Ik wol wa geern ‘n niej kleed.
J: Bie C&A, doar hebt ze dee bie de vleet!
M: Dan mo’j rap renn’n, oetverkoop! ‘t Is krap.
F: Hènig an, hènig an, ik kan nich zo rap.
En zo kuiert en neult ze ’n heel’n dag deur,
dat is knap.
Kon ’t nich biejhòol’n, hènig an,
ik skriew nich zo rap.
10 Oktober 2008. Kunstenaar: Louk van Meurs-Mauser (1929), titel: Ganzen (1978). Plaats: Korte Hengelosestraat (kruispunt de Graaff).
De Roombeek
Ik kom uit de aarde
word gevoed door de hemel
en vind hier al eeuwenlang mijn eigen loop
Soms stroom ik eens hier
dan daar weer wat verder
en kom met mezelf nooit echt in de knoop
Toen kwamen er mensen
eerst zonder problemen
zij namen mijn water en deden dat goed
Maar later, oh later
toen kwam er de kater
zij besmeurden mijn oevers, bevuilden mijn bloed
De verven die kleurden
mij in alle kleuren
ze smeten mijn bedding vol stront, troep en zooi
Ik stonk en ik walmde
en werd toen begraven
diep onder de grond aan vervuiling ten prooi
Maar nu ben ik blij
en stroom frank en vrij
weer schoon en heel boeiend boven de grond
Ik voel me weer jong
en heel fris en heel mooi
ik kabbel en stroom en ben weer gezond
Gemaakt voor de opening van de tentoonstelling ‘De Roombeek, binnen zien, buiten beleven’ in het Abraham Ledeboerpark op zondag 12 oktober 2008.
Scharrelpad gedicht 1
Hier start het scharrelpad dat u voert
langs de Roombeek tot aan de UT.
Eerst is het pad verhard en u toert
met gemak door het park en denkt: ‘Oké’.
Allengs is het minder gebaand, als ’t leven,
uw inspanning brengt u steeds verder van huis
langs de mooiste plekken, u ziet een bank en gaat even
genieten. Straks bent u gelukkig, weer thuis.
12 Oktober 2008.
Scharrelpad gedicht 2
Hoe heerlijk te zitten op deze prachtplek
waar de Roombeek zo helder slingert en stroomt.
Maar in vroeger dagen had u dat gedroomd:
hij was groen, geel of blauw en u dacht: ‘Verrek!’,
want Menko had dan weer zijn verven geloosd
en u had zich hier echt zeer kleurrijk verpoosd!
12 Oktober 2008.
Scharrelpad gedicht 3
Uit een Twentse wel is de beek ontsprongen
en ook ik kom daar vandaan.
Zij is bemind, geknecht, verwrongen
en zó is het ook mij vergaan.
De beek verdwijnt achter de laatste bocht
en stroomt dan naar de zee.
Als mijn leven net zo’n eind’ vermocht,
heb ik daar vrede mee.
12 Oktober 2008.
Beeld in woord 15 – Leda en de zwaan
Bij het Aquadrome, waar u in water kunt dromen
het mooie beeld van Leda en de zwaan
Dames, u kent het verhaal?
Informeer dan
vóór u een entreekaartje koopt
of zwanen ook toegelaten worden
Zwaan kleef aan is niet altijd een sprookje
17 Oktober 2008. Kunstenaar: Gooitzen de Jong (1932–2004), titel: Leda en de Zwaan (1971). Plaats: J.J. van Deinselaan voor de ingang van het Aquadrome.
Nu eert Enschede zijn zonen
Nu eert Enschede zijn zonen
dankzij privé-initiatief.
Eeuwig zullen zij hier tronen,
wij hebben Harry en Willem lief.
Klanken klinken, woorden voeren
ons steeds naar een beter’ stee.
Voel hoe ze je ziel beroeren,
dizze keals van Enskedé.
Harry Bannink – componist,
de grote notentovenaar,
Willem, die als geen ander wist
je in te pakken. Dit vriendenpaar
samen hier, in brons gegoten
als een heel groot eerbetoon.
Pink een traan, je neus gesnoten,
ongewoon, zo heel gewoon.
Hier eert Enschede zijn zonen
in het juiste perspectief.
Don, de muze zal je lonen,
wij hebben Willem en Harry lief.
Voor de onthulling en de overdracht van de beeldengroep Harry Bannink/Willem Wilmink, gemaakt door Don Englander, op zaterdag 18 oktober 2008 in het Muziekcentrum.
Beeld in woord 16 – Onder de wereld
de grond golft in trage deining
keien rijzen tot bijna branding
pijlers dragen platforms
boren draaien, afsluiters openen
diep beneden een rustig pompen
hier boven een traag sijpelen van laag op laag
van het grote waken
van een luisterend oor
24 Oktober 2008. Kunstenaar: Jan van Eijl (1926–1996), titel: Waterplastiek (1979). Plaats: Nijverheidsstraat vóór het politiebureau.
Verdraagzaamheid
de kleurenblinde
weet zeker dat zijn wit
het uiterste wit is
het witst van alles
en al het andere
is niet wit genoeg
zegt de kleurenblinde
de stokdove
hoort zijn eigen muziek
in allesverzwelgende
composities
en alle andere
noten zijn vals
zegt de stokdove
de navelstaarder
vervult van zijn eigen prut in dat kuiltje
duldt niets anders dan
alleen de stank die daaruit opwalmt
en die stinkt niet
zegt de navelstaarder
de bekrompene
wentelt zich
helemaal alleen
in de branding
van zijn overvloedgolf
want die is van mij
zegt de bekrompene
en daar sta je dan
als arme, ontheemde
nieuwkomer, andersgelovige
andersgekleurde,–geaarde
in dit prachtige vrije rijke land
ach, hadden de navelstaarder
de kleurenblinde, de stokdove
de bekrompene, de heer W
mevrouw V maar
bij mijn oma in de klas gezeten:
wat gij niet wilt dat u geschiedt
doe dat dan ook een ander niet
Gemaakt op verzoek van Secil Arda voor het Debat aan de Markt over ‘Hoe verdraagzaam zijn we’, gehouden op 30 oktober 2008.
Het rad van de tijd rolt door de Wesselerbrink
Waar niendeuren kierden
stiepeltekens het kwade keerden
koeien kettingen lieten rammelen in de potstal
en de boer achter zijn paard de aarde openscheurde
kwam de bulldozer, de asfaltmachine
maakten erven plaats voor brinken
boerderijen voor drive-in woningen
overzag hoogbouw de grijze weiden
Het nieuwe overspoelde het oude land
de grote wijk in het ruime groen
herbergt vele kleuren
de wereld komt hier samen
Scholen, winkels, sportcomplexen
parken, vijvers voor iedereen
De wijk, meegezogen in de tijd
wordt vernieuwd, het oude
verjongt en jong wordt ouder
Bewoners denken mee
praten mee met stadsdeel
toekomst wordt veilig gesteld
30 Oktober 2008. Gemaakt ter gelegenheid van de wijkconferentie van de Wesselerbrink op 31 oktober 2008.
November 2008
Beeld in woord 17 – Van tweeën één
slangenmens als ik ben
keer ik mijn binnenste buiten
en soms, in tijden van gevaar
altijd dus, mijn buitenste binnen
verwarring alom, ik ben dan zo
glimmend, zo hard, zo zacht
dat geen gevaar mij raakt, geen kwaad
mij geschieden kan, iedereen ziet
zichzelf wandrochtig in mij, toch
ben ik de kwaadste niet
ik laat u zien
wie u ook bent
2 November 2008. Kunstenaar: Cor Rijken (1951), titel: Two (1994). Plaats: einde Parkstraat ingang Volkspark, meteen linksaf en dan na 250 meter.
Ode (opening ROC)
de kolossale orde heerst
traveeën verdelen de gevels
lisenen over twee bouwlagen
mezzanino, sokkels in rustica, pilasters
wat een stijl! wat een klasse! de pracht
van deze statige dame is onontkoombaar
haar eeuwigheid is nu en voor altijd
de nieuwe boreling schuilt in haar luwte
Amsterdam, Enschede, Lonneker
hoog op de hoeken waken hun leeuwen
over een onderwereld
uit voorbije tijden, daarboven
een Intelligent Bedrijf, digitaal en analoog
scholend, vernieuwend, voor jongvolwassenen
en ouderen, tot op hoge leeftijd duikt
men in de toekomst
het leven gaat door
het leren ook
Gemaakt op verzoek van het ROC voor de opening van hun vestiging aan de Piet Heinstraat 4-6 op 5 november 2008.
Beeld in woord 18 – Excalibur
uit rots getrokken
uit water verrezen
omklemd door Uther en Arthur
doorklief ik ruimte
en tijd en deel
het ondeelbare
ik ben het zwaard der zwaarden
meervoudig aan mijzelf verankerd
en wacht op de nieuwe koning
eenvoudige stervelingen zien
mij als een veelvoud van ramen
geklonken aan staanders, in
en om zichzelf draaiend, winden
knedend, splijtend, soms rustend
in mist, maar pas op
hoed u voor mijn ingehouden slagkracht
mijn woede
mijn liefde
7 November 2008. Kunstenaar: Alwie Oude Aarninkhof (1953), titel: Excalibur pretending (1986). Plaats: Boulevard 1945.
Beeld in woord 19 – Hoe scheidslijnen tussen vier wijkdelen uitmonden bij geluk en hoe verder
van noord, van zuid
van oost, van west
het maakt niet uit
je rijdt er recht op af
maar als je denkt dat je er bent
je het voor het grijpen hebt
je maar voorover hoeft te bukken
om het te pakken
word je door de maalstroom
meegesleurd en vervolgens
gelanceerd, de eerste, de tweede, de derde
ingang uit, of je weg terug
terwijl ondertussen
vlinders majesteitelijk fladderend
het geluk
hemelwaarts slepen
of nee, kijk
het de aarde in duwen, terug
in de moederschoot, muurvast
voor altijd, zolang eeuwig duurt
14 November 2008. Kunstenaar: Alwie Oude Aarninkhof (1953), titel: Klavertje Vier (2008). Plaats: rotonde Knalhutteweg-Zuid Esmarkerrondweg. Geschreven op verzoek van Wim Kuut.
Sinterklaasintocht 15-11-2008
Oh Sint, wat is het heerlijk
dat u weer bij ons bent.
Zoveel is hier veranderd
dat u het niet herkent.
Er zijn veel nieuwe dingen
want Enschede levert op!
Is het echter niet teveel,
wordt het niet een strop?
De IJsbaan is fantastisch,
zo ook de tweede ring.
De Scholingsboulevard
is een galactisch ding.
Het Nationaal Muziekkwartier
draagt een grote kop’ren hoed,
men is nog volop bezig,
’t gaat met de grootste spoed.
Die pracht wordt straks geopend
door onze koningin.
U komt toch ook wel kijken?
U mag er vast wel in.
Eén ding is echter moeilijk:
dat is toch wel de naam.
Die zorgt steeds voor verwarring,
dat past niet bij haar faam.
Kunt u niet iets bedenken
als oplossing voor ’t probleem?:
‘de Koperen Hoed’, ‘de Walvis’,
‘de Helm’, what’s in a name!
Oh Sint, dan nog iets moeilijks:
het schouwburgveranderplan,
Selexyz of toch Broekhuis?
Wat vindt u daar nou van?
Nog even Airport Twente
de overloop van Schiphol:
als ons dat maar niet overloopt,
dan wordt het hier tjokvol!
De kinderen zijn heel lief hier,
volwassenen soms stout:
die willen roken in een kroeg,
is dat niet heel erg fout?
Dan onze burgemeester,
dat is een prima man,
geeft u de sleutel van ’t stadhuis
waar u mooi wonen kan.
Die speeltjes in de binnenstad:
keigaaf hoor, echt steengoed.
De kinderen spelen er mooi mee
’t gelach komt je t’gemoet.
Lieve Sint, voor u en de kinderen
én voor de pieten ook,
duim ik voor een fijne tijd
mét cadeaus, voor wie dan ook!
50 jaar in Roombeek onder water
Nieuw optimisme in 2008 – 8 jaar na de vuurwerkramp
oude korsten barsten bij hosannaverhalen
de lege plek aan tafel in het
nieuwe huis raakt nooit gevuld
gehavend fundament stut de hemel
op de steen bij de vijver slaat een vink
langs nieuwe straten groeien andere huizen
het ruisen van de beek overstemt het geloei van de vuurstorm
vaandels wapperen en terend op het oude verdriet
wordt hoog gezongen, terpen van verbeelding
worden opgericht, penselen, gutsen, beitels
kerven, steken, strelen, woorden worden in noten gebakerd
lippen openen taal als messen de huid
digitaal noorderlicht schittert boven de ashopen die
langzaam verstuiven bij herrijzend klapwieken
17 November 2008. En nu voor straks… 50 jaar later, in 2058:
Een halve eeuw geleden werd dit gedicht hier begraven
in de bedding van de Roombeek, in de moederschoot.
Nu, vijftig jaar verder, wordt het opgegraven
en in één stap heeft de tijd vijf decennia ontbloot.
Hoe is nu uw wereld waarin mijn woorden verglijden,
veel beter dan toen, met meer begrip voor elkaar?
Sociaal volmaakt, ja, zijn het gouden tijden?
Is het echt dan nu goed voor mekaar?
Of is de mens nog steeds die mens, vol agressie,
is andermans rijkdom nog steeds een obsessie?
Verschillen in huid, geloof nog hemelsbreed?
Voert men nog oorlogen, stort men elkaar nog in leed?
Is deze wijk nog steeds fijn om in te wonen,
is Enschede echt veel mooier en beter dan toen?
Kan de natuur zich in volle glorie vertonen?
Is FC Twente nu eindelijk eens kampioen?
Uw antwoorden zal ik niet meer kunnen horen
maar ik hoop dat uw leven nóg beter is dan nu
en uw samenleving goed is voor elk individu
en niemand een ander nog wil ringeloren.
Het ga u goed!
17 November 2008.
Beeld in woord 20 – Van onder moeders vleugels
hoogpotige langvleugeligen
uit cocons ontsproten
paren waarna uit ei gelarfd wordt
dan een zich inspinnen
een zich uitspinnen in
hoogpotige langvleugeligen
die paren waarna uit ei gelarfd wordt
dan een …
het krioelt hier van de kinderen
kinderen uit vele nesten, in vele kleuren
die gevoed en beleerd worden
en na hun ontpopping de spankabels
van hun vleugels aanspannen
die volpompen en uitvliegen
de wereld tegemoet
het grote leven in
dan hun eitjes gelegd
larven gevoed
cocons gesponnen
en in een langvleugelig
groot suizen onder wolken
een zich rekken en strekken
en langs alle kleuren
de regenboog bewandelen
21 November 2008. Kunstenaar: Bert Otter, titel: Met vleugels van toermalijn (2003). Plaats: Rijnstraat.
Muziekkwartier
Glazen wanden brengen buiten binnen
Overhuiven zoekers naar cultuur
De hanenkammen gestold in koper
Koesteren welvingen uur na uur
Die lange treden naar hemelse sferen
De pop popperend dreunend in Atak
De muziekschool puilt uit van de kinderen
En aria’s huppelen tegen het dak
Gelach, gegier, handen kletsen de dijen
Verbazing, emotie, een snik en een traan
Na gif gedronken nog duetten zingen
Hier leert men zichzelf en de ander verstaan
Woorden worden in noten gebakerd
En vele stemmen zingen hoog en fier
Ja, Enschede prijst zich zeer gelukkig
Met het Nationaal Muziekkwartier
21 November 2008. ‘Voorwoord’ in boekje.
Muziekkwartier koren
Koren–Opening Muziekkwartier
Glazen wanden brengen buiten binnen
Overhuiven zoekers naar cultuur
De hanenkammen gestold in koper
Koesteren welvingen uur na uur
Refrein:
Deze tempel voor muzen opgericht
Is van groot belang in dit tijdsgewricht
Hij is/wordt nu geopend, komt allen hier
Voor cultuur, muziek, ontroering, vertier
Die lange treden naar hemelse sferen
De pop popperend dreunend in Atak
De muziekschool puilt uit van de kinderen
En aria’s huppelen tegen het dak
Refrein:
Deze tempel voor muzen opgericht
Is van groot belang in dit tijdsgewricht
Hij is/wordt nu geopend, komt allen hier
Voor cultuur, muziek, ontroering, vertier
Gelach, gegier, handen kletsen de dijen
Verbazing, emotie, een snik en een traan
Na gif gedronken nog duetten zingen
Hier leert men zichzelf en de ander verstaan
Refrein:
Deze tempel voor muzen opgericht
Is van groot belang in dit tijdsgewricht
Hij is/wordt nu geopend, komt allen hier
Voor cultuur, muziek, ontroering, vertier
Woorden worden in noten gebakerd
En vele stemmen zingen hoog en fier
Ja, Enschede prijst zich zeer gelukkig
Met de opening van het Muziekkwartier
23 November 2008. De muziek bij dit gedicht werd gecomponeerd door Henriëtte Eikenaar en werd onder haar leiding uitgevoerd tijdens de open dag op zondag 23 november in de grote foyer van Het Nationaal Muziekkwartier door veel koren, drie solisten en een combo.
Muziekkwartier compositiewedstrijd
Waar glazen wanden als brekende golven
Mensen omarmen, naar binnen brengen
Waar koperen platen in lichte deining
De muze omvatten, haar noten mengen
Daar is het Muziekkwartier
Voor cultuur en uw plezier
Kom uit oost en kom uit west
Het program is opperbest
Want Tarzan slingert zich van de zee
Maar al te graag naar Enschede
En Les Misérables, slecht te pas
Zijn in dit Kwartier zeer in hun sas
Dit is het Muziekkwartier
Voor muziek en uw vertier
Kom uit noord en kom uit zuid
Luister naar de Toverfluit
En moeder legt een kip in ’t water
Vader Jacob is van de partij
Peter en de wolf horen gesnater
Muziekschool en Artez maken je blij
Hier in dit Muziekkwartier
Notenbalken op een kier
’t Is voor jong en ook voor oud
Alles krijgt een rand van goud
I hate the fucking fucking yeah, yeah
I love you when I leave this life
You motherfucker, kill my darling
And I will bury you with my wife
Hier in dit Muziekkwartier
Zingen doden met plezier
Zaal’ge geesten roepen u
En u denkt: ‘Wat moet ik nu?’
Dat is niet moeilijk, het valt erg mee,
Vandaag is het feest in Enschede
Want
Dit is de o…
Dit is de ope…
Dit is de opening, de opening
Van het Muziekkwartier
23 November 2008. Bij het indienen van het lied was de naam nog zonder ‘Nationaal’. Dus zonder ‘Nationaal’ naar de componisten.
Beeld in Woord 21 – De Uilenpoort
bij volle en bij vale maan
onder kale takken of bebladerde
zwaait de uilenpoort in doodse stilte open
de wereld draait 180º
om mij, linksom, rechtsom
ik knipoog
ik heb de tijd, ik heb geduld
verheug me op licht
geritsel tussen bladeren
en kom geruisloos aangevlogen
mijn klauwen vooruit, ze grijpen
knijpen, kraken, wurgen
leven en dood vluchten door de
zich openende, de zich sluitende
de uilenpoort
28 November 2008. Kunstenaar: Luz Graciela Jimenez Diaz (1958), titel: De uilenpoort (2008). Plaats: Buurserstraat bij ingang Stroïnkpark/Dragonheart.
December 2008
Beeld in Woord 22 – Paard en vogeltje op het Boerenkerkhof
hier
op deze plek van toen
het paard
het paard op beukenstammen
met het roodborstje
op zijn staart
kijk, het voorbeen wordt geheven
en schiet naar beneden
de beukenstam stampt op de grond
trillingen botten rammelen
of het been gaat naar boven
stam uit de grond
zielen omhoog
want als zuiger
op een gegeven ogenblik
is het paard uitgestampt
de stam uitgezogen
de tijd uitgespeeld
en dan fluit
het vogeltje
fluit op de staart
van het paard
het paard brengt je naar boven
van einde naar begin
van toen naar straks
van hier naar daar en dan steeds verder
5 December 2008. Kunstenaar: Helga Kock am Brink (1960), titel: Zielendraagster (2004). Plaats: Boerenkerkhof aan de Deurningerstraat.
Beeld in woord 23 – Luister naar de natuur
bukken, haas, bukken!
is de jacht geopend?
ja, verschuil je in het groen
vermom je
als krokus
houd je oren gespitst
en pas op, ook buiten
het jachtseizoen
wordt op de Usseleres gejaagd
door projectontwikkelaars
en economen met natte dromen
over geldelijk gewin
jij houdt ze in de peiling
met je krokusoren
goed zo, haas
12 December 2008. Kunstenaar: Helga Kock am Brink (1960), titel: Hybride no. 3: Luister naar de natuur (2005). Plaats: Haaksbergerstraat–rotonde ter hoogte van Het Zwering.
Vrijwilligerswerk
Als gedichten gedachten rijmen en lijmen
en gedachten dichten, gevangen in taal
en liefde en dood zich samen vermeien
is die dans van taal van ons allemaal.
Wanneer poëzie de tijd gaat verdichten
en Enschede omarmt en teder verleidt,
dan zullen gedichten eenieder verlichten,
word je opgetild en onmerkbaar verblijd.
Ook hier zijn vrijwilligers bij betrokken
zoals overal in onze mooie stad.
Bij vrijwilligerswerk hoef je niet te dokken,
’t is belangeloos Enschede’s grootste schat.
12 December 2008. Gedicht voorgedragen bij de uitreiking van de Gemeentelijke Vrijwilligersprijsop 12 december 2008.
Gedicht 1 Naturalisatieceremonie
Toen je in Nederland kwam, hoorde je:
Vergeet wat je ouders je geleerd hebben. Je bent nu hier.
Vergeet hoe jij in je dorp, je stad je dag doorbracht. Je bent nu hier.
Vergeet waar je vandaan komt, je roots. Je woont nu hier.
Maar als je dát vergeet, vergeet je jezelf.
Vergeet dus wat je toen hoorde.
En dan bén je hier, en
Leer je de taal, de gebruiken,
Leer je jouw weg hier te vinden,
Wil je wonen, werken ,
Geld verdienen.
Dat is soms moeilijk,
Maar het kan.
Pak aan!
Wees trots op jezelf,
Wees trots op je roots,
Wees trots op wat je daar geleerd hebt,
Op wat je hier geleerd hebt,
Op wat je kunt,
Op wat je hier gaat doen.
Wees blij met deze stad, je nieuwe ‘thuis’,
Want wij zijn blij met jou, landgenoot!
Kopje koffie?
Koekje er bij?
15 December 2008.
Gedicht 2 Naturalisatieceremonie
Een nieuwe plek, een nieuw tehuis,
nieuw land dat je zal bergen
en inspanning zal vergen.
Voel jij je hier al thuis?
Ik hoop van harte, landgenoot,
dat het goed je zal bevallen,
dat je je thuisgevoel kunt stallen
hier in Enschede, stadgenoot.
Ja, ‘Enschede levert op’,
dat gaat over gebouwen,
én ook over vertrouwen
zegt de stadsdichter, ik dus, Bob.
Oh, lieve landgenoten,
dit land, niet zonovergoten
is jullie nieuwe thuis,
hier ben je kind aan huis.
Ook hier zijn goede dingen,
maar zeker ook minder fijn,
dus plezier én ook chagrijn,
dat kan soms even wringen.
Maar ik hoop oprecht dat jij zegt: ‘Het is fijn
om Nederlander én om Enschedeër te zijn!’
15 December 2008.
Beeld in Woord 24 – Onbespied
oewaaa
zon
oh heerlijke zon
langzaam strekken
lekker rekken
intens genieten
met heel mijn lijf
zon, oh zon
oh heerlijke zon
hier sta ik alleen
op mijn balkon
lekker langzaam
rekken strekken
aaaaahh
19 December 2008. Kunstenaar: Oscar Jespers (1887–1970), titel: In de zon (1964). Plaats: Minkgaarde (bij het Muziekcentrum).
Januari 2009
Beeld in Woord 27 – Bij de beelden van Mari Andriessen in Het Volkspark
vloeibaar brons
door gietkanalen
in grote hitte
verleden verbrand
brons gestold
geeft gruwelverhalen
weer vorm in
het heden beland
pauwengeschreeuw
en autogetoeter
splijt stilste stilte
in heel het land
toekomst herinnert
verleden is nieuw nu
gisteren wordt morgen
met zwart omrand
16 Januari 2009. Kunstenaar: Mari Andriessen (1897–1979), titel: Oorlogsmonument (1953). Plaats: Volkspark.
Beeld in Woord 28 – Beeldengroep Twentse Schouwburg
kijk toch
zie hoe Enschede
hoe wij jij ik
ons hemelwaarts
begeven
de oudste kijkt
of alles goed gaat
voeten op de grond
handen op de rug
hoofd in de nek
zij die klimmen kleven
in wankel evenwicht
balanceren de gearriveerden
tussen de kermis van Breughel
en carnaval in Venetië
het is daarboven
één grote maskerade
een commedia dell’arte
met neus, bochel
toverstaf, Pulcinella
zij die ons overstijgen
verwaaien naar grote hoogte
vormen voor- en achterhoede
spelen het schouwtoneel
ook daar
onder onze voeten
tijdelijke leegte
vol verwachting van wat
komt na al dat moois
dat is geweest
kom
wij blijven
het hogerop zoeken
23 Januari 2009. Beeldengroep van Jawik Krudde op en tegen de voormalige Twentse Schouwburg aan de Langestraat.
Opening Poëziemarathon
Poëzie en marathon
bij beide lange adem,
concentratie, voorbereiding,
krachten verdelen
bij poëzie vaak omzien, bij marathon
altijd vooruit, toch
soms achterom, zwaar gehijg, word je
ingehaald door jezelf?
poëziemarathon, zweetbandje om vulpen
kramp in bladervingers, rekken
en strekken van trommelvliezen
stembandmassage, hoge oogspanning
niet bang voor overdosis
dopingcontrole afgeschaft
wij gaan vol aan het epoëzieinfuus
gretig vreten we vele pormonen
strofen kreunen en steunen
witregels druipen van transpiratie
endorfine jaagt door bloedbanen
van het metrum
een week, het is maar een week
dwalen in verdicht taalwoud
door bomen én bos, en aan het eind
de nieuwe stadsdichter(-es?)
25 Januari 2009.
Beeld in Woord 29 — Laatste Beeld in Woord
dank, beelden, voor het openen
van mijn ogen, mijn lippen
het schrijven van mijn pen, zodat
ik jullie kon neervlijen op papier
nu hier geen beelden meer
vereeuwigd en vrijgemaakt
van hun omgeving, vertaald
in woorden, regels, in wit
wel daar, overal, beeldenzee
zo verschillend
in kleur, vorm
betekenis, beleving
lezer, kijk, zoek en geef
die beelden uw taal
dit was de serie
dit is haar einde
30 Januari 2009.
Beeld in Woord 30 – Ode aan het overgeslagen beeld
miskenden uit het stenen
en bronzen rijk en
uit het hedendaagse
verenigt u
treedt naar voren
laat u kennen
verhef u van uw sokkel
laat bij Tubantia uw
stenen uw bronzen
uw digitaal protest horen
oh vergeten beelden
oh outcasts van
het Enschedese beeldenrijk
stel u in stilte op
blokkeer de toegang
waarom, Stadsdichter
geen oog voor hen?
waarom, lezers
hen niet onder zijn aandacht gebracht?
wee en ach, het einde van de serie
30 Januari 2009. Coproductie met Leen Fröberg, laatste gedicht van de serie ‘Beeld in Woord’.
