Andere gedichten

———————–
Onbegrijpelijke brief

 

Zij begrijpt niet wat er staat
daar waar haar vinger wijst
die ellenlange zin met moeilijke
woorden erin, die snapt zij niet.

 

De brief is echt voor haar bestemd
haar naam staat bovenaan,
wat wordt er toch van haar verwacht
ze voelt zich als gescheurd papier
versnipperd en verstrooid.

 

Ze is bang voor straf, zoals op school
toen zij met taal veel fouten maakte
het lezen ging haar nooit goed af.

 

Er staat een nummer onderaan
ze wil gewoon met iemand praten
die de brief begrijpt en haar vertelt
wat zij moet doen of laten.

 

De stem spreekt snel, toets een, toets twee,
drie of vier het gaat zo vlug
dat ze de verbinding gauw verbreekt.

 

De brief gaat in een diepe la
waar vele brieven liggen
wat je niet ziet dat is er niet
zij slaat haar handen
voor de ogen en hoopt
dat alles vanzelf over gaat.

 

Margót Veldhuizen Stadsdichter Enschede 2017/2019
N.a.v. de week van de Laaggeletterdheid 3 tot en met 7 september.

———————–
Balkonfestival

 

Vanaf een balkon zie je een andere stad
je kijkt naar kruinen van bomen
een villa in het groene gras
een kerktoren, vogels in hun vlucht
en vooral veel wolken
in een eindeloze lucht.

 

Vanaf een balkon zie je alles
in een ander perspectief
bloemen zijn wel heel erg klein
honden zie je op hun rug
een man voorovergebogen op zijn fiets
je zwaait naar hem, maar hij ziet niets.

 

Vanaf een balkon zal straks muziek gaan klinken
er wordt gespeeld, er wordt gezongen
er dwarrelen, klanken, woorden neer
die elkaar daar hebben gevonden.

 

En wie er onder staat met opgeheven hoofd
een brede lach op het gezicht
voelt ontroering in het hart
en heeft misschien wel kippenvel.

 

Balkonfestival 24/25 juni 2017

———————–
Samen

 

Zij past zich aan, haar tred is net zo klein
als die van hem, terwijl hij vroeger
een hardloper was met menig medaille
in de kast, uit het zicht dat wel
een wandelstok is nu zijn metgezel.

 

Zij draagt de volle tassen
met groente, vis en fruit
kookt iedere dag gezond
elk jaar nog met elkaar, dat telt voor twee.

 

Hun dochter woont in Canada
ze zien elkaar want skypen vaak
zij prijzen zich gelukkig
menigeen op deze leeftijd is alleen.

 

Hij leest haar dagelijks voor uit de krant
zij vindt het weinig interessant
maar doet alsof het boeiend is
voelt vaak het schrijnend gemis
naar hoe het vroeger was.

 

Het samen lopen over het wijde strand
dansen, praten tot in late uren
de morgen leek ver weg
zij waren jong en niet van steen,
de tijd vloog heen, waarom zo snel
vraagt zij zich af.

 

Zij zucht, hij zwijgt, zet thee
het koekje hoeft zij niet
hij neemt ze alle twee.

 

Voor de uitreiking winnaar schrijfwedstrijd ‘Samen’
Week van de Amateur Kunst

 

———————–
Kunst moet naar buiten

 

Kunst is recalcitrant, obstinaat,
houd van verzet, zit in haar aard
als iets moet wil ze niet.

 

Kunst wil beslissingsrecht
over binnen of buiten
wil op eigen benen staan.

 

Kunst hijgt in regen
struikelt in wind
valt op zwarte grond
mond, neus in modder,
stikt bijna van woede.

 

Iemand draait haar om
naar het gloeiende licht
zon op staal, steen,
kleuren tegendraads.

 

Kunst is bekaf
wil autonoom zijn
niet van de maker
niet van de kijker
alleen van zichzelf.

 

———————–
Verbeelding

 

Er ronkt gevaar, de adelaar
zweeft opnieuw voorbij
angst knijpt kelen dicht
praten is geschreeuw.

 

Hier niet, hier viert het leven
haar vrijblijvend feest
is verbeelding aan de macht
fietsen we door het landschap.
Natuur, daarover zijn we
het eens, verveelt niet.

 

Kunst kleurt hier het frisse groen
beelden springen over de horizon
er zijn geen grenzen meer
vissen kunnen vliegen
de maan valt op de aarde
de mens schept schoonheid
eindeloos.
Nog altijd. Altijd.

 

Ik luid geen klok.

 

———————–
Humanitas Onder Dak

 

Dit is een plaats waar je je thuis kunt voelen
er is een dak waaronder je slapen kan
je krijgt op tijd te eten en te drinken
en als jij je aan de regels houdt
werkt iedereen hier voor jou.

 

Hier dreigt geen gevaar zoals op straat
al ligt ‘s nachts verdriet en woede
op de loer, maar als het morgen is,
de dag nog fris, wordt het weer licht
kun jij bij het ontbijt je sores kwijt.

 

Je laat drank en drugs niet binnen
gebruikt lijf en leden weer met plezier
en als de angst jou wil bespringen
dan is hier altijd iemand die jou helpt
om deze te bedwingen.

 

Vertrouwen geven is een kunst die men verstaat
hier heerst niet de jungle van de straat.

 

Onder dit dak telt ieder mens
jij bent het waard voorgoed
de goot te gaan verlaten
spoken uit het verleden achter je te laten
die mogen ver, ver weg naar elders gaan.

 

Als jij zoekt naar een doel in jouw bestaan
zodat je zin krijgt om te leven
dan vinden ze met jou de juiste weg
om in te slaan, zodat je op eigen kracht
weer verder kunt gaan.

 

 

———————–
De vijf ingezonden gedichten voor de stadsdichtersverkiezing waren:

 

———————–
Tweeënnegentig

 

Daar gaat hij met wandelstok
nog tamelijk kras
en elke dag als het
van wie dan ook vermag
het weer het toelaat
zijn half uur rondje door de buurt.

 

Daar gaat hij door het park
waar de witte villa staat te pronken
blijft hij even staan, kijkt omhoog
naar vogels in hun vlucht
vervolgt opnieuw zijn weg
zijn stok tikt,
hij knikt naar wie hij kent,
loopt langs leeftijdsgenoten
die achter kleine ramen huizen
hem dagelijks voorbij zien gaan.

 

Hen ziet hij niet
wel jongens fietsen
turend op hun smartphone
hij doet een stap opzij
snapt de jeugd
is ooit ook jong geweest.

 

Slaat dan de hoek
om naar de Espoortstraat
waar hij de oude begraafplaats
ver achter zich laat.

 

Soms stap ik van mijn fiets
vertelt hij over lang geleden
danste tango in Buenos Aires
dronk champagne in Coppacabana
zijn ogen glinsteren
hij lijkt veel jonger nu.

 

Groet mij gedag met hoofse knik
ik roep adios naar zijn rechte rug.

 

 

———————–
Textielblues

 

De blues is als het leven
soms huilt zij, lacht zij, zingt zacht
laat de gitaar klagend klinken
de slepende stem van de zanger
wekt op wat je al lang vergeten dacht.

 

Het goudgele graan op de es
moeder thuis met koekjes en thee
vader was werken op de fabriek
de blues in Enschede.

 

Heimwee naar die zwoele zomeravond
wandelend met vriendinnen
likkend aan een ijsje van de Italiaan
nog laat op straat, het was bij tienen
van de bios naar het busstation
de middagploeg gaat al naar huis.

 

Voorbij, voorgoed voorbij.

 

Hij roept het op met zijn mondharmonica
zingt over mensen in Amerika
daar plukt een man katoen
komt ’s avond niet naar huis
de stoel die op de veranda staat
schommelt wild met groot verdriet
wij voelen het hier al zien we het niet
ver, ver weg in Enschede.

 

 

Voorbij, voorgoed voorbij.

 

Over rivieren en kanalen varen
nog steeds grote schepen
vrachtauto’s rijden in colonne
over vele autowegen,
levend vee wordt daar vervoerd,
treinen rijden vaak op tijd
vliegtuigen trekken witte sporen
in de hoge blauwe lucht
het leven zingt, het leven zucht
in Memphis en in Enschede.

 

———————–
Zondagse kleren

 

Toen mijn ouders zondagse kleren droegen
de radio zondagse muziek liet horen
vond ik het lopen uit door de poort
over de straat op weg naar het park.

 

Daar wachtten herten met grote geweien
schreeuwden pauwen
gleed het zwanenpaar
langs eenden en goudvissen.

 

Een roestige, ronde stang hield mij tegen
de vijver met planten en bomen
was van vogels en vissen.

 

Terug naar huis roken mijn handen naar ijzer
mijn haren naar gras
mijn ogen naar water
mijn huid naar wind.

 

Thuis zaten mijn ouders op
hun zondagse stoelen te roken
zij zagen niets, zij zeiden niets
ik gaf mijn moeder een pauwenveer.

 

———————–
De singel

 

Zwermen spreeuwen bewolken de rode hemel
dansen een choreografie
die niemand hen geleerd heeft.

 

In de middenberm jonge platanen
de singel slingert als een rivier
door deze waterloze stad
oversteken is hier lang wachten.

 

Auto’s razen voorbij
ik spring niet in een gat
de ruimte moet groter zijn.

 

Plotseling heb ik het koud
hoewel mijn wangen gloeien
vermoedelijk is er geen relatie
met de dansende spreeuwen
in de rode avondlucht.

 

———————–
Hart voor de stad

 

Hij kent de stad als geen ander
weet welke mensen er toe doen,
groet hartelijk wie hij tegenkomt
zijn lach klinkt vaak en luid
hij is erom bekend,
heeft met menigeen een klik.

 

Hij houdt van deze stad
zoals zo velen,
maar hij een tikje meer
strooit met ideeën
neemt initiatieven
steekt handen uit de mouwen
werkt, loopt, sjouwt
waar nodig is.

 

Geen blad voor de mond
daar houdt hij niet van
hij is een man van rechttoe rechtan.

 

Hij geeft zijn visie zonder dralen
heeft meestal gelijk vindt hij zelf
doet het belangeloos
niet voor het aardse slijk
of politiek gewin,
hij doet het voor de stad
en voor zichzelf
ook daar is hij duidelijk in.

 

© Stadsdichter Enschede 2017-2019 – Margót Veldhuizen